Stichting Hulp aan Nepal

werkbezoek 2003

Verslag bezoek Nepal 2003 door voorzitter stichting.

toegevoegde foto's zijn tijdens dit laatste bezoek gemaakt

Onze vakantie in Thailand en Laos moesten we tot onze spijt voortijdig afbreken. De voor malaria door de GGD voorgeschreven tabletten gaven zodanige bijverschijnselen dat het ons beter leek onze reis op een andere wijze voort te zetten. We konden onze tickets naar Nepal wijzigen, zodat we in plaats van de oorspronkelijke twee weken die we daarvoor uitgetrokken hadden nu maar liefst vier weken in Nepal konden doorbrengen.
Hierdoor kwamen we voor de bezoeken aan scholen en ouders wat ruimer in ons jasje te zitten.

De politieke toestand in Nepal bleek nog ernstiger te zijn dan we uit de ontvangen berichten hadden opgemaakt. De strijd tussen de Maoïsten en het leger is inmiddels een echte burgeroorlog geworden. Regering en leger hebben de macht in de Kathmandu vallei en in enkele grote steden zoals Pokhara. De rebellen hebben de macht op het platteland en in de bergen. De bevolking is de dupe van dit alles.
De onderlinge strijd levert elke dag minstens 20 slachtoffers op en helaas zijn dat niet enkel slachtoffers van de strijdende partijen.
Regelmatig zijn ook burgers en dikwijls ook schoolkinderen slachtoffer bij de onderlinge schermutselingen.
Zowel leger als rebellen maken zich schuldig aan onmenselijke folteringen en soms beestachtige acties. Jonge studenten worden door de rebellen gedwongen om zich bij hun leger aan te sluiten. Kinderen worden op die manier in het conflict betrokken.
Door deze situatie was het te gevaarlijk om de school in Jemrung in het afgelegen Dhadhing district te bezoeken.
Gelukkig konden die contacten worden onderhouden doordat het schoolhoofd van de school naar Kathmandu was gekomen.
Met hem konden de noodzakelijke zaken geregeld worden. Daarbij bleek dat de omstandigheden daar voor de school bijzonder moeilijk zijn geworden.
Het recruteren van leerlingen door de rebellen heeft er toe geleid dat kinderen uit de hogere klassen de school en hun dorp hebben verlaten en naar Kathmandu zijn vertrokken. Ook zijn enkele meisjes getrouwd om op die manier de moeilijkheden te ontlopen.
Desondanks draait de school gelukkig nog gewoon door en de onderwijzers doen hun uiterste best om de school draaiende te houden.
Op de scholen in de Kathmandu vallei gaat het gelukkig wat beter. Hoewel de situatie daar economisch aanzienlijk is verslechterd gaan de lessen daar gewoon door.
De door de stichting gesponsorde leerlingen doen het prima en de door hen behaalde resultaten zijn uitstekend.
Op de Mount Valley school is enkele weken geleden een Nederlandse vrijwilligster gestart.
Zij gaat er voor ongeveer een half jaar les geven. Door op de foto te klikken kunt haar belevenissen op de school lezen.

 

 

Alle scholen met gesponsorde leerlingen zijn door ons bezocht en daarnaast hebben we een aantal van de gezinnen van die leerlingen bezocht. Opvallend was dat zowel ouders als leerlingen zeer gemotiveerd waren en dat de ouders zich ook terdege bewust waren van het belang van het onderwijs voor hun kinderen. Zij grijpen de hen geboden kansen met beide handen aan.
Aan het einde van onze trip overheerste bij ons een gevoel van tevredenheid dat we mee kunnen helpen om kansarme kinderen in Nepal een gedegen opleiding te geven.

Peter van de Laar.

Voorzitter Stichting Hulp aan Nepal.